Categorieën
Blog

Nieuws voor 2020

Feestdagen en minimumloon 2020

Hieronder tref je een overzicht aan voor 2020 op het terrein van de feestdagen en ook de wijzigingen voor het minimumloon per 1 januari 2020 en 1 juli 2020.

Feestdagen

Heb je of volg je  een collectieve arbeid overeenkomst (cao) (bijvoorbeeld als deze algemeen verbindend is verklaard voor jouw branche), dan moet je personeel vrij geven op de feestdagen die in de cao staan.

Meestal gaat het om de wettelijke feestdagen zoals hieronder weergegeven. Als er geen cao voor jouw branche van kracht is, ben je niet verplicht om je werknemers vrij te geven op deze feestdagen. Je kunt dan zelf in de individuele arbeidsovereenkomst vastleggen op welke feestdagen je werknemer vrij is.

Overzicht wettelijke feestdagen 2020
Feestdag Dag Datum
Nieuwjaarsdag Dinsdag 1 januari 2020
Goede vrijdag (niet per se vrije dag) Vrijdag 10 april 2020
Eerste paasdag Zondag 12 april 2020
Tweede paasdag Maandag 13 april 2020
Koningsdag Maandag 27 april 2019
Bevrijdingsdag Dinsdag 5 mei 2019
Hemelvaartsdag Donderdag 21 mei 2020
Eerste pinksterdag Zondag 31 mei 2020
Tweede pinksterdag Maandag 1 juni 2020
Eerste kerstdag Vrijdag 25 december 2020
Tweede kerstdag Zaterdag 26 december 2020
Wettelijk minimum (jeugd) loon 2020

De hoogte van het bruto (!) minimumloon is afhankelijk van hoeveel uur een medewerker werkt. Werkt iemand parttime, dan is het minimum (jeugd) loon evenredig lager. Het uurloon kan per sector verschillen, afhankelijk van het aantal uren dat als normale arbeidsduur geldt.

Leeftijd 1 jan 2020 1 juli 2020
Vanaf 21 jaar € 1.653,60 € 1.680,00
20 jaar € 1.322,90 € 1.344,00
19 jaar € 992,15 € 1.080,00
18 jaar € 826,80 € 840,00
17 jaar € 653,15 € 663,60
16 jaar € 570,50 € 579,60
15 jaar € 496,10 € 504,00

Voor werknemers van 18, 19 of 20 jaar die een arbeids­overeenkomst hebben vanuit de beroepsbegeleidende leerweg (BBL) gelden lagere minimumloonbedragen.

Categorieën
Blog

Corona crisis en de tegemoetkomingen voor ondernemers


Inleiding

Naar aanleiding van de grote impact van de Corona crisis op onze economie zijn er verschillende maatregelen ingesteld door de regering om ondernemers te ondersteunen. In dit artikel worden de meeste regelingen geïntroduceerd. In aparte artikelen worden de verschillende regelingen onder de loep genomen. Dus wil je dieper en meer weten over de individuele regelingen dan is het aan te raden het desbetreffende artikel te lezen.

De regelingen op een rij

Er zijn een behoorlijk aantal verschillende soorten regelingen opgetuigd. De regelingen zijn zoveel als mogelijk specifiek gericht op de noden van de verschillende soorten ondernemers. Basis van alle regelingen is de aanname, dat men ook daadwerkelijk geraakt wordt door de Corona crisis. De belangrijkste regelingen zijn in een drietal wetgevingen geregeld:

Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo);
Tegemoetkoming Ondernemers Getroffen Sectoren COVID-19 (TOGS);
Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkgelegenheid (NOW).

In aparte blogs zijn door mij de verschillende regelingen uitgebreid onder de loep te nemen. In dit artikel zal ik de verschillende regelingen globaal introduceren. Voor een uitgebreider inzicht verwijs ik naar de uitgebreidere blogs over de TOZO, TOGS en NOW (via een link te benaderen). Nog een vierde categorie van maatregelen zijn er vanuit de overheid genomen. Deze zijn niet in een aparte wetgeving vastgelegd en hebben allemaal betrekking hebben op uitstel van belastingen op leningen. Ook die zal ik kort hier noemen.

TOZO

Vanuit de Tozo kunnen zelfstandigen een beroep doen op twee voorzieningen: inkomensondersteuning en een lening voor bedrijfskapitaal. De TOZO moet worden aangevraagd bij en wordt verzorgd door de gemeenten.  De regeling sluit aan op de bijstand voor zelfstandigen (Bbz).

De bedragen die worden gehanteerd zijn gebaseerd op het sociaal minimum, het bedrag dat mensen nodig hebben voor levensonderhoud.
Om inkomensondersteuning te verkrijgen, moet de zelfstandige verklaren dat hij verwacht dat als gevolg van de corona crisis zijn inkomen de komende drie maanden minder zal zijn dan het sociaal minimum. Het inkomen wordt dan maximaal drie maanden aangevuld. Hierbij geldt voor gehuwden en samenwonenden dat het inkomen wordt aangevuld tot een bedrag van 1.500 euro netto en voor alleenstaanden tot 1.050 euro netto. Het betreft een gift en hoeft dus niet te worden terugbetaald.

Hiernaast kunnen ondernemers die als gevolg van de corona crisis in liquiditeitsproblemen komen, een lening voor bedrijfskapitaal aanvragen van maximaal € 10.157,-  met een rente van 2%. De maximale looptijd van de lening is drie jaar. Tot januari 2021 hoeft niet te worden afgelost.

TOGS

De TOGS helpt ondernemers in sectoren die direct getroffen zijn door de kabinetsmaatregelen. De aanvraag wordt gedaan via de website van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). De regeling is bedoeld voor die mkb-bedrijven (met en zonder personeel) die schade lijden door noodgedwongen sluiting, de inperking van bijeenkomsten en/of het negatieve reisadvies. Je komt in aanmerking als je voldoet aan de voorwaarden én de hoofdactiviteit van je onderneming overeenkomt met een van de in de regeling benoemde SBI-codes. SBI code staat voor Standaard Bedrijfsindeling en deze code is gekoppeld aan de hoofdactiviteit van een bedrijf en is vastgelegd in het KVK Handelsregister.

Wie aan de voorwaarden voldoet krijgt eenmalig € 4.000,- (belastingvrij). Dit bedrag is vrij te besteden. De gift is bedoeld om ondernemers te ondersteunen die door de maatregelen in hoge nood zitten.

NOW

De NOW regeling wordt aangevraagd bij en uitgevoerd door Uitvoering Werknemers Verzekeringen (UWV). De regeling ziet op een tegemoetkoming in de loonkosten voor bedrijven die acuut omzetverlies lijden. Doel van de regeling is het voorkomen van werkloosheid van vaste én flexibele krachten!

De tegemoetkoming in de vorm van een subsidie ziet alleen op de betaling van de loonkosten (geen reiskosten, studiekosten, premie WW/WIA). Aannemelijk gemaakt dient te worden door de aanvrager, dat gedurende drie maanden ten minste 20 procent omzetverlies geleden wordt. De tegemoetkoming bedraagt maximaal 90 procent van de loonsom, naar rato van de omzetdaling. De duur van de tegemoetkoming is maximaal 3 maanden. Mogelijk komt er een eventuele verlenging van 3 maanden afhankelijk van de duur van de corona crisis. De regeling kan met terugwerkende kracht vanaf 1 maart in werking treden.

Overige voorzieningen

Naast de hiervoor genoemde wettelijke regelingen zijn er nog verschillende andere tegemoetkomingen voor ondernemers. Zoals uitstel van belastingbetaling en versoepeling van kredietmogelijkheden.

Bij uitstel van belastingbetalingen kun je denken aan de omzetbelasting, inkomstenbelasting, maar ook toerismebelasting. Echter ook kan gedacht worden aan het gemakkelijker maken van de aanvraag voor wijziging van een voorlopige aanslag en bijvoorbeeld ook deblokkering van de zogenoemde g-rekening.

Bij versoepeling van kredietmogelijkheden kun je denken aan verruiming van de borgstellingsmogelijkheden voor het MKB, de Landbouw, de Garantie Ondernemingsfaciliteiten, via de verschillende kredietinstellingen te regelen.  Ook voor kredieten bij Qredits kan men in aanmerking komen voor soepelere voorwaarden.

Slot

Er zijn heel veel sites die deze regelingen nader toelichten. Ga echter voor het juiste verhaal in elk geval naar de site van de desbetreffende instanties die de regelingen uitvoeren. Een basis overzicht is terug te vinden via de site van de Rijksoverheid.

Meer beeldend zijn de TOZO en TOGS toegelicht in een webinar van Platform Zelfstandig Ondernemers (PZO).

Werkgeversclubs VNO-NCW en MKB-Nederland hebben een corona calculator gelanceerd. Die kun je hier vinden.

Adviesbureau ActaVerba en WebHare hebben de online tool Coronageldhulp gelanceerd. De tool is zowel voor ondernemers als werknemers bedoeld.

HR-consultant HCS heeft een specifieke tool ontwikkeld voor de NOW-regeling, waarbij je als werkgever op basis van een geschat omzetverlies compensatie kunt aanvragen voor de loonkosten.

Voor meer inzicht zie ook de blogs over de desbetreffende regeling, TOZO, TOGS  en  NOW.

Categorieën
Blog

Looptijd IOW wordt verlengd

Nieuw wetsvoorstel

In een wetsvoorstel dat door minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid naar de Tweede Kamer is gestuurd, wordt voorgesteld om de looptijd van de  Wet inkomensvoorziening oudere werklozen (IOW) met vier jaar te verlengen. Het wetsvoorstel moet, om tijdig de verlenging  van de IOW te regelen, op 1 januari 2020 in gaan.

Met het wetsvoorstel wil het kabinet oudere werknemers die ondanks inspanningen van overheid, werkgevers en werknemers toch werkloos of arbeidsongeschikt worden tegemoet blijven komen. Nog steeds is er sprake ondanks (een gedeeltelijk gedwongen) langere deelname van ouderen aan het werkproces, van een verhoogde kans op werkloosheid van ouderen. De IOW biedt voor hen een vangnet.

IOW

Wat houdt de IOW in? De IOW biedt een tijdelijk vangnet aan oudere werklozen van wie de WW- of WGA-uitkering is afgelopen en die nog geen recht hebben op een AOW-uitkering. Als zij aanspraak willen maken op de bijstand, moeten ze vaak eerst hun eigen vermogen of dat van hun partner ‘opeten’. Om dat te voorkomen, biedt de IOW een recht op een uitkering op sociaal minimumniveau tot de AOW-leeftijd.

De IOW zou per 1 januari 2020 aflopen. In het wetsvoorstel wordt geregeld, dat de IOW wordt verlengd met vier jaar tot 1 januari 2024. Omdat een WW-uitkering maximaal twee jaar duurt, kan men tot 1 januari 2026 instromen in de IOW. De toetredingsleeftijd zal niet meegroeien met de pensioenleeftijd, maar wordt vastgelegd op 60 jaar en 4 maanden (was 60 jaar). Dat is de toetredingsleeftijd bij instroom in de WW of WGA.

Conclusie

Dit is goed nieuws voor de oudere die werkloos wordt op hogere leeftijd en na uitkering WW of WGA voordat hij/zij in aanmerking komt voor een AOW uitkering en driegt terug te vallen op een uitkering op minimumniveau (Bijstand), niet zich zorgen hoeft te maken over het ‘opeten’ van zijn eigen huis of financiële reserves. Dat de IOW nu voor ‘slechts’ vier jaar wordt verlengd en niet voor een langere periode, brengt de opdracht met zich mee voor een nieuw kabinet om na te denken over een langdurig vangnet voor de oudere werkloze.

 

Categorieën
Blog

Nieuws voor 2019

Feestdagen en minimumloon 2019

Hieronder tref je een overzicht aan voor 2019 op het terrein van de feestdagen en ook de wijzigingen voor het minimumloon per 1-1-2019.

Feestdagen

Heb je of volg je  een collectieve arbeids overeenkomst (cao) (bijvoorbeeld als deze algemeen verbindend is verklaard voor jouw branche), dan moet je personeel vrij geven op de feestdagen die in de cao staan.

Meestal gaat het om de wettelijke feestdagen zoals hieronder weergegeven. Als er geen cao voor jouw branche van kracht is, ben je niet verplicht om je werknemers vrij te geven op deze feestdagen. Je kunt dan zelf in de individuele arbeidsovereenkomst vastleggen op welke feestdagen je werknemer vrij is.

Overzicht wettelijke feestdagen 2019
Feestdag Dag Datum
Nieuwjaarsdag Dinsdag 1 januari 2019
Goede Vrijdag Vrijdag 19 april 2019
Eerste paasdag Zondag 21 april 2019
Tweede paasdag Maandag 22 april 2019
Koningsdag Zaterdag 27 april 2019
Bevrijdingsdag Zondag 5 mei 2019
Hemelvaartsdag Donderdag 30 mei 2019
Eerste pinksterdag Zondag 9 juni 2019
Tweede pinksterdag Maandag 10 juni 2019
Eerste kerstdag Woensdag 25 december 2019
Tweede kerstdag Donderdag 26 december 2019
Wettelijk minimum (jeugd) loon 2018 en 2019

De hoogte van het bruto (!) minimumloon is afhankelijk van hoeveel uur een medewerker werkt. Werkt iemand parttime, dan is het minimum (jeugd) loon evenredig lager. Het uurloon kan per sector verschillen, afhankelijk van het aantal uren dat als normale arbeidsduur geldt.

Leeftijd 1 jan 2019 1 juli 2018
Vanaf 22 jaar € 1.615,80 € 1.594,20
21 jaar € 1.373,45 € 1.355,05
20 jaar € 1.131,05 € 1.115,95
19 jaar € 888,70 € 876,80
18 jaar € 767,50 € 757,25
17 jaar € 638,25 € 629,70
16 jaar € 557,45 € 550,00
15 jaar € 484,75 € 478,25

 

Categorieën
Blog

Wanneer vervallen vakantiedagen?

Recht op vakantiedagen

In het burgerlijk wetboek is het aantal wettelijke vakantie-uren per jaar vastgelegd. Dat is 4 maal het aantal uren dat je per week werkt. Veel werknemers hebben recht op meer dan het minimum aantal vakantie-uren. Deze extra vakantie-uren heten bovenwettelijke vakantie-uren. In de cao die op jou en het bedrijf waarvoor je werkt van toepassing is, is dit geregeld.

Recht op vakantiegeld

Ook het recht op een jaarlijkse vakantietoeslag  of  ook wel vakantiegeld is vastgelegd. Dit is minimaal 8% van het bruto jaarsalaris. De opbouw van het vakantiegeld gaat bij ziekte gewoon door.

Vakantiedagen opnemen

Vakantiedagen neem je op door deze aan te vragen bij je werkgever. De werkgever moet in principe instemmen met de vakantiewensen, maar kan daar wel gezien de aard van het bedrijf en de bewaking van een goede bedrijfsvoering regels of afspraken over maken. Dat kunnen bijvoorbeeld regels over de periode en duur van de opname zijn. Dit houdt vaak verband met het soort bedrijf en de sector waarin gewerkt wordt.

Vervaltermijn wettelijke vakantiedagen

Sinds een wetswijziging vervallen per 1 januari 2012 niet opgenomen wettelijke vakantiedagen na 6 maanden. Voor opgebouwde wettelijke vakantiedagen van vóór 2012 geldt een verjaringstermijn van 5 jaar.

De bedoeling van de wet was het stuwmeer aan vakantiedagen aan te pakken en ook te stimuleren dat werknemers voldoende rust inbouwen naast het werk.

Vervaltermijn bovenwettelijke vakantiedagen en uitzonderingen

Een uitzondering op de vervaltermijn van 6  maanden voor opgebouwde vakantiedagen is wel mogelijk. Als een werknemer buiten zijn eigen schuld zijn vakantiedagen niet kan opnemen, dan geldt de vervaltermijn niet. De vakantiedagen vervallen dan pas na vijf jaar. Een werkgever en werknemer hebben daarnaast de optie om de vervaltermijn te verlengen en dus in een overeenkomst of cao afwijkende afspraken te maken. De extra vakantiedagen of bovenwettelijke vakantiedagen die op basis van cao of een andere regeling zijn toegekend, blijven vijf jaar geldig.

In een schema betekent dit het volgende:

– Bovenwettelijke vakantiedagen van 2012: geldig tot 1 januari 2018

– Bovenwettelijke vakantiedagen van 2013: geldig tot 1 januari 2019

– Wettelijke vakantiedagen van 2014: geldig tot 1 juli 2015

– Bovenwettelijke vakantiedagen van 2014: geldig tot 1 januari 2020

– Wettelijke vakantiedagen van 2015: geldig tot 1 juli 2016

– Bovenwettelijke vakantiedagen van 2015: geldig tot 1 januari 2021

Vakantiedagen bij ziekte

Tijdens ziekte bouwt een werknemer evenveel wettelijke vakantiedagen op als in een periode van geen ziekte. Ook dit geldt sinds 1 januari 2012.

Categorieën
Blog

Gewijzigde rekenregels WW per 1 juli 2015 leiden tot commotie

In een vorig blog werden de veranderingen in de WW al behandeld. Naast de wettelijke veranderingen is ook de berekeningssystematiek van de WW uitkering veranderd. Deze veranderingen in de berekeningssystematiek geven nog wel wat verschuivingen, die niet altijd gunstig uitpakken voor uitkeringsgerechtigden.

WW uitkering

 

De rekenregels bij de WW worden door het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vastgesteld en behoeven niet door het parlement te worden goedgekeurd. Door plaatsing in het Staatsblad zijn de regels per 1 juli veranderd. Hierdoor valt de werkloosheidsuitkering voor met name seizoensarbeiders en flexwerkers lager uit.

Gewijzigde systematiek

Tot 1 juli werd het totaal verdiende loon gedeeld door het aantal gewerkte dagen. Werd het hele jaar gewerkt, werd het jaarloon gedeeld door het aantal werkdagen per jaar. Als korter dan een jaar gewerkt was, werd het totaal verdiende loon gedeeld door het aantal feitelijk gewerkte dagen. Werkte men dus een half jaar, dan werd het loon gedeeld door een half jaar voor de vaststelling van de hoogte van het dagloon.

Per 1 juli wordt het in het afgelopen jaar verdiende loon altijd gedeeld door 261 dagen.

Categorieën
Blog

Veranderingen WW per 1-7-2015

Naast de veranderingen in het arbeidsrecht door de Wet Werk en Zekerheid (WWZ), verandert ook veel in de Werkloosheidswet (WW). In deze blog worden de veranderingen behandeld. De veranderingen zien op de systematiek bij de betaling van de WW, het opgeven en verrekenen van inkomsten, wat is passend werk, berekening dagloon veranderd, na 1-1-2016 nog meer veranderingen en vooral versobering.

Sociaaljurist

Een aantal veranderingen zijn al in het nieuws geweest en met name de verwachte problemen rond de invoering en uitvoering daarvan. Lees het artikel daarover in Trouw.

In deze blog een overzicht van de veranderingen.